Als je met andere mensen in contact bent, kun je op drie manieren kijken naar wat er gebeurt. Natuurlijk kun je vanuit je zelf kijken: wat zie jij, hoor jij, denk jij? Wat ervaar je, wat vind je?
Daarnaast kun je vanuit de ander kijken en luisteren. Wat ziet die, hoort die, denkt die? Wat ervaart de ander, wat vindt hij?
De derde positie wordt wel de ‘metapositie’ genoemd. Daarbij ga je als het ware boven de situatie hangen. Je vraagt je af: wat gebeurt hier?
Als je bespreekbaar maakt wat er gebeurt, noemen we dat wel ‘metacommunicatie’. Dat is dus communicatie over de communicatie.
Twee voorbeelden van metacommunicatie:
- Twee mensen hebben het over iets waar ze blij van worden. De ene merkt op: “Valt het jou ook op dat we veel beter naar elkaar luisteren nu we het over leuke dingen hebben?”
- Twee mensen zijn in gesprek. De een krijgt het idee dat het gesprek ontspoort. Hij zegt: “Ik heb het idee dat we elkaar niet zo goed begrijpen. Merk jij dat ook?”
Soms is het goed om iets vragen of zeggen over hoe de communicatie verloopt. Bijvoorbeeld als je beter contact met iemand wilt krijgen of als een gesprek niet lekker loopt.
